Eilandjes van Langerhans zien er verschillend uit bij mensen met diabetes type 1

De eilandjes van Langerhans in de alvleesklier van mensen met diabetes type 1 zien er verschillend uit. Daarom bestaan er binnen diabetes type 1 mogelijk een aantal subtypes. Dat concluderen Amerikaanse onderzoekers.

Wat is het probleem en wat is er tot nu toe over bekend?

Bij mensen met diabetes type 1 vernietigt het afweersysteem de insulineproducerende bètacellen in de eilandjes van Langerhans in de alvleesklier. Uit recent onderzoek blijkt dat sommige mensen met diabetes type 1 waarschijnlijk nog een beperkt aantal werkende bètacellen hebben. Om hier meer zicht op te krijgen hebben de onderzoekers de alvleesklieren van mensen met diabetes type 1 onderzocht.

Hoe en waarmee is het onderzoek gedaan?

De onderzoekers bekeken onder de microscoop de alvleesklieren van 20 mensen met diabetes type 1. Ze keken naar het uiterlijk van de eilandjes van Langerhans en de bètacellen. Ook keken ze naar de aanwezigheid van bepaalde stoffen in de eilandjes van Langerhans. De aanwezigheid van die stoffen laat zien of de eilandjes goed werken.

Wat zijn de resultaten?

In 14 van de 20 alvleesklieren (70%) zaten helemaal geen insulineproducerende bètacellen. In de overige alvleesklieren zaten nog wel een aantal eilandjes van Langerhans die insuline produceerden. Die nog wel werkende eilandjes bleken in twee verschillende vormen voor te komen. Bij de ene vorm zagen de bètacellen er anders uit dan normaal en produceerden ze geen insuline. Bovendien waren die bètacellen maar op een aantal plekken aanwezig in de eilandjes van Langerhans, terwijl ze normaal gesproken wijder verspreid zijn. Bij de andere produceerden de bètacellen wel insuline en zagen ze er qua vorm normaal uit, maar waren het er minder in aantal dan normaal.

Wat zijn de conclusies en wat voegt dit onderzoek toe?

De eilandjes van Langerhans in de alvleesklier van mensen met diabetes type 1 zien er verschillend uit. Bij de meeste mensen met diabetes type 1 zijn er helemaal geen insulineproducerende bètacellen meer aanwezig. Bij ongeveer een derde zijn nog wel bètacellen aanwezig, maar produceren ze soms geen insuline, zien de cellen er anders uit dan normaal, of zijn er minder bètacellen aanwezig dan normaal. De onderzoekers denken daarom dat er binnen diabetes type 1 een aantal subtypes bestaan. Of en in hoeverre dat gevolgen kan hebben voor de behandeling van diabetes type 1 moet nog uitgebreid worden onderzocht.

Bron

R. Gianani en collega's, Dimorphic histopathology of long-standing childhood-onset diabetes

Diabetologia (2010) 53:
690-698
DOI:
10.1007/s00125-009-1642-y