Goede inschatting risico op hypo belangrijk voor gezonde bloedsuikerspiegel bij mensen met diabetes type 2

Mensen met diabetes type 2 die met insuline worden behandeld, hebben minder vaak hypo’s en een te lage bloedsuikerspiegel wanneer zij het risico op een hypo goed inschatten. Dat in vergelijking met mensen die dat risico niet goed inschatten. Dat concluderen onderzoekers uit Schotland.

Wat is het probleem en wat is er tot nu toe over bekend?

Mensen met diabetes die behandeld worden met insuline, lopen het risico op een te lage bloedsuikerspiegel ('hypo'). Mensen met diabetes type 1 die dat risico niet goed inschatten, hebben een drie tot zes keer grotere kans om een hypo te krijgen. Het is weinig onderzocht en daarom onduidelijk hoe dit precies zit bij mensen met diabetes type 2 die met insuline behandeld worden. Daarom hebben de onderzoekers gekeken hoe die mensen het risico op het krijgen van hypo's inschatten. Ook hebben de onderzoekers onderzocht of die inschatting bij hen ook invloed heeft op het aantal hypo's.

Hoe en waarmee is het onderzoek gedaan?

Aan het onderzoek deden 122 mensen mee met diabetes type 2, die met insuline behandeld werden. Alle deelnemers vulden aan het begin van het onderzoek een vragenlijst in. Daarmee werd bepaald in hoeverre zij het risico dat ze lopen op het krijgen van een hypo goed inschatten en hoe vaak zij in het afgelopen jaar een hypo hadden gehad.

Aan de hand van de uitslag van de vragenlijst werden de deelnemers in twee groepen verdeeld: een groep die het risico op een hypo goed inschat, en een groep die dat risico niet goed inschat. Tijdens het onderzoek moesten de deelnemers vier weken lang vier keer per dag zelf hun bloedsuikerspiegel meten. Aan het eind van het onderzoek werden beide groepen met elkaar vergeleken.

Wat zijn de resultaten?

Bijna 10% van de deelnemers schatte het risico op een hypo niet goed in. Zij hadden in het afgelopen jaar bijna 17 keer zo vaak een hypo gehad als de deelnemers die het risico op een hypo wel goed inschatten. Iets meer dan de helft van alle deelnemers had tijdens het hele onderzoek trouw zelf hun bloedsuikerspiegel gemeten. Zij bleken bijna vijf keer zo vaak een te lage bloedsuikerspiegel te hebben als mensen die het risico op een hypo wel goed inschatten.

Wat zijn de conclusies en wat voegt dit onderzoek toe?

Mensen met diabetes type 2 die met insuline worden behandeld, hebben minder vaak hypo's en een te lage bloedsuikerspiegel wanneer zij het risico op een hypo goed inschatten. Dat in vergelijking met mensen die dat risico niet goed inschatten. Deze conclusie komt overeen met een krap aantal studies waarin hetzelfde is onderzocht. De onderzoekers raden behandelaars aan om regelmatig te bepalen in hoeverre mensen met diabetes type 2 het risico op een hypo goed inschatten. Uiteindelijk zou dat de gevolgen van diabetes type 2 op de lange termijn deels kunnen voorkomen.

Bron

J.E. Schopman en collega's, Prevalence of impaired awareness of hypoglycaemia and frequency of hypoglycaemia in insulin-treated type 2 diabetes

Diabetes Research and Clinical Practice (2009) 87:
64-68
DOI:
10.1016/j.diabres.2009.10.013